Menu
Breadcrumb

Prioritaire stoffen van de ICBR

De stoffen die zo gevaarlijk zijn voor de mens en het milieu dat er voor hun reductie prioritaire actie moet worden ondernomen, zijn door de ICBR in het kader van het Rijnactieprogramma (RAP) en door de EU in de Kaderrichtlijn Water (KRW) samengevat onder de noemer prioritaire stoffen.

In het Rijnactieprogramma waren voor de periode 1985 – 1995 reductieopgaven vastgelegd: de lozingen van rond zestig prioritaire stoffen moesten worden verminderd met 50 procent, de lozingen van een aantal zware metalen met 70 procent. Voor de meeste stoffen en stofgroepen kon de vastgestelde reductie worden bereikt, een enkele keer werden de verwachtingen zelfs ver overtroffen. Bij de vergelijking van de meetwaarden met de doelstellingen van de ICBR worden de positieve effecten in de wateren duidelijk.

Vergelijking van de milieukwaliteitseisen/-normen en de ICBR-doelstellingen met de meetwaarden 
In het rapport bekeken periodeNummer van het rapport                   
2013 - 2014239
2009 - 2012220
1990 - 2008193
1990 - 2006180
1990 - 2004159
1990 - 2001143
1990 - 2000123

 

 

Voorbeelden van prioritaire stoffen

Pesticiden uit de landbouw, bijvoorbeeld herbiciden, insecticiden en fungiciden, worden met de regen uit de bodem gespoeld, worden van het land afgespoeld of komen bij het reinigen en vullen van de spuitapparatuur via de riolering in de wateren terecht. Bij de verspreiding over het land kunnen bestrijdingsmiddelen tevens verwaaien (drift). Bepaalde pesticiden worden tot slot aangebracht op verharde oppervlakken, waardoor ze wegspoelen als het regent.

Het gehalte van veel chemicaliën tegen onkruid, schimmels en insecten is gedaald in de Rijn, maar voor drie stoffen werden de doelstellingen niet bereikt.

Een aantal prioritaire pesticiden is ondertussen in meerdere ICBR-staten verboden. De toepassing van sommige toegelaten stoffen werd beperkt. Op de oorspronkelijke lijst met prioritaire stoffen stond slechts een greep uit de actieve stoffen van pesticiden die vanuit de landbouw en andere sectoren in de wateren terechtkomen. Enkele stoffen, zoals bijvoorbeeld diuron, verschenen in 2000 voor het eerst op de lijst.

Diuron is een persistent herbicide dat als gewasbeschermingsmiddel alleen nog is toegelaten in Zwitserland. Echter, als biocide is het ook in de andere lidstaten van de ICBR toegelaten. Na de toepassing als onkruidverdelgingsmiddel op verharde oppervlakken, bijvoorbeeld binnenplaatsen en parkings, wordt het door de regen naar het riool afgevoerd en komt het via de rioolwaterzuiveringsinstallaties in de rivieren terecht.

Fenitrothion is een insecticide dat ook bij de rampzalige brand in Schweizerhalle in 1986 in de Rijn terechtkwam en giftig is voor veel aquatische organismen. Organofosfaten, zoals fenitrothion, werken als zenuwgif. Lage concentraties in het water kunnen al leiden tot veranderingen in de manier waarop zalmen naar voedsel zoeken en in het leergedrag van deze vissen.

Lindaan is een insecticide dat vooral werd gebruikt in de land- en bosbouw. De stof veroorzaakt functiestoornissen in het zenuwstelsel van insecten, is moeilijk afbreekbaar, wordt opgeslagen in vetweefsel en hoopt zich op in de voedselketen. De geschatte vracht in de Rijn bedroeg in 2000 120 kilogram.